IN DE BAN VAN DE HOOGLANDEN

Lochs, moors, Schotse Hooglanders en springende zalmen, dat is de West Highland Way, dacht reisjournalist Yvonne Vlaskamp. De tocht bracht iets anders. Yvonne voelt zich 154 kilometer lang verrukkelijk nietig in de stromende regen.

Voorzichtig schuifel ik over een rotsig pad. Het is een oude militaire weg, aangelegd door de Britten in de 18e eeuw met als doel meer controle te krijgen over de opstandige Schotten. Eeuwenlang voerden clans hier een bloedige strijd om grenzen en rijkdom. Strijd onderling, maar ook gezamenlijk tegen de heerszucht van de Britten. En nu loop ik hier, een figurant, dwars door dezelfde ruige Hooglanden en grotendeels over dezelfde militaire paden. In zeven etappes wandel ik de West Highland Way, van Milngavie in het zuiden naar Fort William in het noorden. Elke stap echoot een verleden van geleden pijn. Pijn van lang geleden maar ook van de wandelaars die mij voorgingen. Want gemakkelijk is hij niet, deze absurd mooie wandelklassieker.

Langs Loch Lomond

Het pad langs het kalme water van het majestueuze Loch Lomond is nauwelijks een pad te noemen. Ik glij over gladde rotsen en spring over de talloze watervalletjes en beekjes die uitmonden in het Loch. De bomen hangen zo laag over het water dat het lijkt alsof ze een onderonsje hebben met het meer, ongeïnteresseerd in deze wandelaar die zwoegend over hen heen kruipt. In het bos langs de oever staat af en toe een ruïne, bedekt met mos dat onstuimig alles overwoekert. Duizend tinten groen en af en toe een streepje licht van boven maakt dat ik schimmen zie achter elke boom.

De goed aangegeven route is ondertussen door de aanhoudende regen veranderd in een stromende beek. Op sommige plekken staan ‘bothies’, vervallen schuren of hutten waar je even kunt rusten, schuilen of een praatje maken met andere wandelaars. Ik besluit door te lopen, mijn schoenen zijn al drie dagen drijfnat, ik voel mijn voeten niet meer.

Doorgaan of stoppen?

Het landschap verandert na het stadje Tyndrum in een ruige vlakte zonder bomen.  De wind slaat in mijn gezicht terwijl de hemel nog altijd huilt. Ik heb het zo koud dat ik overweeg te stoppen. Maar als ik aankom op het enige punt waar dit kan, bij de Bridge of Orchy, schijnt zowaar de zon. Jagende wolken lijken het desolate landschap elke minuut te veranderen en drie regenbogen sieren als slingers de loodgrijze hemel. Wandelaars voor mij lopen volledig in zichzelf gekeerd hun eigen pad. Plots ben ik vastberaden: natuurlijk ga ik door! Af en toe rolt er een traan over mijn wang.

Het dal der tranen

In gedachten verzonken vervolg ik mijn tocht langs de Three Sisters, het gebergte rond de vallei van Glencoe. Ik waai bijna weg tijdens de beklimming van de bergpas ‘Devils Staircase’, zonder bomen is er is hier geen enkele beschutting. Ik kijk naar beneden en terwijl het uitzicht en de wind me de adem benemen bedenk ik dat de natuur het hier volledig voor het zeggen heeft.

Het weer gedraagt zich ook vandaag als een humeurige puber en verandert elk uur van gedachten. Deze keer geef ik toe: Ik schuil in het Glencoe bezoekerscentrum. ‘Welkom in het dal der tranen’ zegt een gids.Bovenkant formulierOnderkant formulier

Hij vertelt over het bloedbad dat hier in de 17e eeuw is aangericht door de Britten. De MacDonald-clan gaf regeringstroepen drie dagen lang onderdak in hun huizen. De nacht erop vermoordden deze gasten de clanleden en hun families. Wie kon vluchten stierf alsnog in de ijzige kou van de winterse bergen.

De laatste kilometers

Ik vertraag mijn tempo tijdens de tocht naar beneden en uit hardop mijn gelukzaligheid. Hoog boven mij lijken buizerds zich kapot te lachen om deze in zichzelf pratende vrouw. Laat ze maar lachen, wat is het heerlijk afzien in deze Hooglanden. In de diepte zie ik een klein stipje, het Kingshouse Hotel, dat als een bezorgde moeder ons wandelaars opwacht.

Binnen vult de geur van hout en natte wol de ruimte. Mijn regenkleding kan eindelijk uit. Ik voel me een pasgeschoren schaap zo zonder mijn beschermende laagjes. Boven een kop dampende Cock a Leekie mijmer ik nog even over de weldaad van nietigheid, over mijn stadse slaapprobleem dat inmiddels is opgelost als suiker in hete thee. Schotse Hooglanders en zalmen heb ik niet gezien maar de West Highland Way herinnert me weer aan mijn mooi menselijk onvermogen. Moeder Natuur zet me terug als figurant in een door haar geregisseerde film en houdt onverstoorbaar de touwtjes in haar eigen doorleefde handen.

Plaats een reactie